de Architect
  • Start gratis proefperiode
  • Inloggen
  • Actueel
  • Dossiers
    • Ontwerppraktijk
    • Duurzaam bouwen
    • Woningbouw
    • Maatschappij en cultuur
    • Renovatie en transformatie
  • Focus
    • De stad als bouwterrein
    • Mevr. De Architect 2.0
    • Paris Proof
    • Schoonheid in architectuur
    • Vakmanschap
    • Goed opdrachtgeverschap
    • Architectuur als culturele waarde
  • Podcasts
  • Projecten
  • Magazine
  • Archief
  • Bedrijven

Uit ons archief: Operahouse (2008) in Oslo (N) door ‎Snøhetta - Abstracte versmelting van landschap en gebouw

Gepubliceerd: 10 jun. 2008Gewijzigd: 28 jun. 2020

Door Ole Moystad - In het boek 'Opera Aperta' introduceert Umberto Eco het begrip openheid. Hieronder verstaat de schrijver de manier waarop een kunstenaar zijn werk open kan laten voor interpretatie door de toeschouwer. Het Noorse architectenbureau Snøhetta gebruikt dit gegeven om hun ontwerp voor het operagebouw in Oslo te laten aansluiten bij de context en de uiteenlopende vormen van gebruik door het publiek.

Toen Noorwegen besloot om in de hoofdstad Oslo een opera op te richten, was men het er over eens dat het een gebouw voor het volk moest zijn. Sociaal democratisch egalitarisme staat hoog in het vaandel van het land en de tentoonstelling van de ruim tweehonderd inzendingen voor de prijsvraag trok een grote menigte. De publieksprijs ging naar een gebouw in de vorm van een oesterschelp.

Gelukkig liet het ambitieniveau van het ministerie van cultuur niet toe dat de mening van het publiek werd overgenomen. De uiteindelijke keuze viel op het ontwerp van Snohetta, dat direct door het volk in het hart werd gesloten. Deze sympathie werd gedeeltelijk ingegeven door het feit dat het hier een bureau uit eigen land betrof, maar het ontwerp is tevens het openbare en eigentijdse gebouw waar de stad behoefte aan had.

Het ontwerp verenigt de lichtelijk banale metafoor van een ijsberg met de abstracte versmelting van landschap en gebouw. Hiermee omzeilt Snohetta behendig de discussie of de opera een elitaire of volkse instelling, elk met zijn corresponderende beeldtaal, moet zijn. De hellende daken die een stadslandschap vormen, zijn sinds de opening een van de populairste openbare ruimtes in Oslo. Elke dag bevinden zich gemiddeld tienduizend bezoekers in en op het gebouw.

Operahouse in Oslo (N) door ‎Snøhetta
's Nachts wordt het gebouw binnenstebuiten gekeerd als het verlichte interieur door de glazen gevels heen zichtbaar wordt - Beeld Christian Richters

Terwijl de opera als cultureel fenomeen haar wortels heeft in een brede Europese context, is de openbare ruimte van het gebouw logischerwijze een lokale aangelegenheid. De architecten namen dit laatste gegeven als uitgangspunt voor de materialisering, die refereert aan typische elementen in de Noorse natuur: steen, water, hout, wind en licht.

Het concept van het operagebouw omvat drie elementen: ‘het tapijt’, ‘de golf en ‘de fabriek'. Het tapijt wordt door de architecten omschreven als het landschap dat de functionele delen bedekt. In Noorwegen bestaat dat voornamelijk uit steen.

Gedurende grote delen van het jaar gaat een deel daarvan echter schuil onder een dikke laag sneeuw of ijs, waardoor de architecten wit de logische kleur achtten voor de materialisering van het dak. Dat stelde de architecten echter voor een probleem: steen uit Noorwegen is altijd donker van kleur. De discussie over wat voor soort steen zou moeten worden gebruikt werd het onderwerp van een verhit debat.

Uiteindelijk kregen de architecten hun zin en kreeg de metafoor voorrang over de afkomst. Grijs graniet uit Noorwegen werd verruild voor wit marmer uit Italië.

Operahouse in Oslo (N) door ‎Snøhetta
Nauwkeurige detaillering kenmerkt de opera. Het contrast tussen de ruwe buitenschil en de gladde afwerking aan de binnenzijde is nauwkeurig gedetailleerd - Beeld Christian Richters

De concertzaal is vormgegeven als een los object verpakt in een houten golvende wand. Omringd door de lobby staat ze tentoongesteld achter het glas van de fapades. De golf vormt de grens tussen de mythische wereld van muziek en dans en de alledaagse wereld daarbuiten. De techniek en het vakmanschap waarmee de eiken wand is gemaakt, verwijst naar de nationale traditie van de scheepsbouw.

In overeenstemming met de fenomenologische aspecten van deze architectuur is aan licht hetzelfde belang gegeven als aan het materiaal waarmee het gebouw is opgericht. Christian Norberg- Schulz refereert aan het licht in de Noorse bossen als een spel van gefragmenteerde stralen, zogenoemd ‘versplinterd licht' . 1 2 In de publieke delen van het gebouw wordt in een dergelijk soort licht voorzien middels een reeks van installaties door de kunstenaar Olafur Eliasson.

Operahouse in Oslo (N) door ‎Snøhetta
Langsdoorsnede

Het glas bij de entree heeft ingebouwde lichtschachten die de ruimte 's avonds door middel van ledtechnologie laat oplichten in overeenstemming met de sfeer van de voorstelling.

De backstage van de opera, de workshopruimtes, de winkels en alle machinerie is pragmatisch ‘behind the scenes’ ondergebracht onder het tapijt. Deze fabriek is bekleed met aluminium panelen, voorzien van een patroon ontworpen door de kunstenaars Lovaas & Wagle. In het gebouw zijn kunst, vakmanschap en metafoor op ingenieuze manier met elkaar verweven. Zoals bureaupartner Graig Dykers zegt: “Laten we niet opscheppen met wat we hebben, maar laten we tonen wat we kunnen”.

NOTEN 1) 1 Uit: Christian Norberg-Schulz, N ightlands, MIT Press, Boston, 1996.

Vertaling Sander Woertman

Projectgegevens

ProjectnaamOperahouse in Oslo (N) door ‎Snøhetta
PlaatsOslo
Opdrachtgever(s)Ministry of Church and Cultural Affairs, Oslo; Statsbygg, Oslo
Architectenbureau(s)Snohetta, Oslo
Programmafoyer, garderobes, basserie, restaurants, bars, theaterzaal (1360 plaatsen), toneelzaal (400 plaatsen), toneeltoren, repetitieruimtes, kleedruimtes, lounges, VIP-room, worshops, kantoorruimtes
ProjectarchitectenCraig Dykers, Tarald Lundevall, Kjetil Traedal Thorsen
TeamledenMartin Dietrichson, Ibrahim El Hayawan, Chandani Ratnawira, Harriet Rikheim, Marianne Saetre
InterieurarchitectSnohetta, Bjorg Aabo, Christina Sletner
LandschapsarchitectSnohetta, Ragnhild Momrak, Andreas Nypan
ConstructeurReinertsen Engineering
AannemerJohs. Syltern (grondwerk en fundering); Veidekke Entreprenor (constructie, wanden en daken); AF Ragnar Evensen (binnenwanden, metselwerk, vloeren en plafonds)
Adviseur akoestiekBrekke Strand Akustikk, Arup
Beeldend kunstenaarKristian Blystad, Kalle Grude, Jorunn Sannes, Astrid Lovaas en Kirsten Wagle
Start bouwgrondwerk februari 2003; eerste steen september 2004; hoogste punt (toneeltoren) mei 2005
Oplevering2007
Bouwsom500 mln.

Meer projecten

  • Beeld Stijn Poelstra
    Project16 okt. 24

    Station Ede-Wageningen - Mecanoo en Royal HaskoningDHV

    Het nieuwe duurzame stationsontwerp van Mecanoo en Royal HaskoningDHV voor Ede-Wageningen heeft een dak bestaande uit 23 houten driehoeken die verwijzen naar de vele boomkruinen in het Veluwse landschap.

  • Beeld Jeroen Musch
    markthal2 okt. 24

    Marktplein met markthal, Apeldoorn - West 8

    West 8 ontwierp voor het gerenoveerde marktplein in Apeldoorn een nieuwe overdekte markthal, geïnspireerd op de architectuur van klassieke Midden- en West-Europese markten, markthallen en stadhuizen. Het resultaat is een iconische flexibele ruimte met bescherming tegen de elementen.

  • Beeld Aiste Rakauskaite
    Architectuur17 jun. 24

    Lloyd Yard, Rotterdam - Paul de Ruiter Architects, WE architecten en bureau ZUS

    Aan de Lloydpier in Rotterdam zijn 136 energieneutrale woningen opgeleverd. Om de havenhistorie van het Lloydkwartier te benadrukken, zijn de opgeleverde panden robuust en ongepolijst. Blikvangers van het bouwwerk zijn de openbaar toegankelijke, weelderige binnentuin en het 'Maasvenster' met schommel. Lloyd Yard is ontwikkeld in opdracht van KondorWessels Vastgoed, onderdeel van VolkerWessels, en bestaat naast woningen uit tien zelfbouwkavels, een horecagelegenheid, een inpandige fietsenstalling en een ondergrondse parkeergarage voorzien van deelauto's.

  • Beeld Johnny Umans
    Architectuur4 jun. 24

    CPFB, Louvain-la-Neuve - archipelago

    Het brutalistische gebouw op de Place des Sciences in Louvain-la-Neuve heeft zijn inherente architecturale kwaliteiten teruggekregen. Het gebouw dat oorspronkelijk een postkantoor was, en daarna een academisch gebouw voor de UCL, heeft vele levens gekend. Archipelago herstelde het naar zijn oorspronkelijke staat en voegden zorgvuldig elementen toe om het gebouw voor te bereiden op de volgende fase in de levenscyclus als modern leercentrum met focus op sociale ontwikkeling.

  • Nieuwsbrieven
  • Klantenservice
  • Contact

Dossiers

  • Ontwerppraktijk
  • Duurzaam bouwen
  • Woningbouw
  • Maatschappij en cultuur
  • Renovatie en transformatie

Actueel

Platform

  • Printuitgave
  • Digimazine
  • ARC Awards
  • Projectbezoeken

Focus

  • Paris Proof
  • Schoonheid in architectuur
  • Vakmanschap
  • Goed opdrachtgeverschap
  • Architectuur als culturele waarde
  • Mevr. De Architect 2.0

Volg de Architect

  • Facebook
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Spotify

de Architect is onderdeel van VMN media. Lees in ons manifest waar VMN media voor staat. Op gebruik van deze site zijn de volgende regelingen van toepassing: Algemene Voorwaarden en Privacy en Cookie beleid | Privacy instellingen